Onverwacht veel hinder door trillingen spoor blijkt uit RIVM onderzoek

Naar aanleiding van een Kamermotie in 2010 (32123A, nr 124 van 29 juni van Jansen en Neppérus) bereidt het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) een besluit voor. Dit betreft eventueel op te stellen richtlijnen voor trillingen door treinverkeer en handhavingsinstrumentarium voor trillingen langs het spoor.

Literatuuronderzoek legt kennislacunes bloot

Voor het vaststellen van de inhoud van een richtlijn voor trillingen werd een gedegen gezondheidseffectschatting noodzakelijk geacht. Het RIVM heeft in oktober 2013 een onderzoeksprogramma opgezet om meer inzicht te verwerven in de aard en omvang van de effecten van trillingen door treinen op de gezondheid. Deel 1 was een literatuuronderzoek wat in juli 2013 is gepubliceerd (Van Kempen 2013, zie bestand hiernaast). Hierbij is geconstateerd dat de kennis ontbreekt om tot effectieve normstelling en richtlijnen voor trillingen te komen.

Vragenlijst maakt hinder inzichtelijk

In oktober 2013 is ook een vragenlijstonderzoek uitgevoerd onder omwonenden langs het spoor met als doel een landelijk beeld te verkrijgen van de ernst van de effecten in termen van hinder, slaapverstoring en andere gezondheidseffecten. Dit was deel 2 van het onderzoek. Deze survey levert op deze manier nieuwe inzichten ten aanzien van omvang belasting, blootstelling-effectrelaties en mogelijke determinanten anders dan trillingen, die kunnen dienen voor de onderbouwing van een adequate regelgeving. De resultaten van dit onderzoek zijn recent verschenen en het rapport staat ook hiernaast. Een belangrijke conclusie over de hinder door trillingen is:

Van de personen van 16 jaar en ouder wonend binnen 300 meter van het spoor en ernstig gehinderd door trillingen van treinverkeer zijn:

  • naar schatting 6.000 personen (2%) blootgesteld aan niveaus van meer dan 3,2 mm/s (Vmax);

  • naar schatting 22.000 personen (8%) van deze groep zijn blootgesteld aan niveaus van 1,6 tot 3,2 mm/s (Vmax);

  • nog ongeveer 128.000 ernstig gehinderden (49%) zijn blootgesteld niveaus van 0,1 tot 1,6 mm/s;

  • terwijl 107.000 ernstig gehinderden (41%) onder de voelbaarheidsgrens van 0,1 mm/s (Vmax) wonen.

Voor het beleid betekent dit dat, teneinde de trillingsoverlast en gezondheidseffecten te  beperken, het niet voldoende is om aan de Bts-grenswaarde van 3,2 mm/s te voldoen. Ook en juist bij de middengroep met trillingssterktes 0,1-1.6 mm/s is veel gezondheidswinst te behalen.

Februari 2015

 
Actueel type:
Nieuws
Nieuws

Hangar wordt busstation Schiphol

 
Nabij McDonald’s en de spottersplaats wordt een voormalige hangar in gebruik genomen als busstation...
 
Actueel type:
Nieuws
Nieuws

Een kleine selectie uit het M+P nieuws van 2014

 
De wereld van geluid, trillingen, luchtkwaliteit en bouwfysica is volop in beweging. Hoe dragen...
 
Actueel type:
Blog
Blog

Wet Programmatische Aanpak Stikstofdepositie (PAS) aangenomen

 
Het wetsvoorstel Programmatische Aanpak Stikstofdepositie is na 6 jaar eindelijk door de tweede...
 
Actueel type:
Blog
Blog

Voor M+P weegt duurzaamheid mee in bedrijfsvoering en advieswerk

 
Al een aantal jaar werken we aan het handen en voeten geven aan het thema duurzaamheid binnen M+P....